De geschiedenis van de Begraafplaats


Een rooms-katholieke begraafplaats

In Leiden is de R.K. Begraafplaats Zijlpoort een van de mooiste plekjes binnen de singels. Dat de begraafplaats binnen de singels, dus eigenlijk in de binnenstad ligt, is bijzonder. Even­zo is het een opmerkelijk historisch gegeven dat er indertijd in het overwegend protestantse Leiden een r.k. begraafplaats mocht komen. De Petruskapel kwam op de plek van de molen, waarvan nu alleen nog fundamenten over zijn. Een begraafplaats met zijn archief is ook altijd een weerslag van gebeurtenissen die de bewoners van Leiden in een bepaalde periode getroffen hebben, zoals de epidemieën in 1866 en vele andere jaren van de negentiende eeuw.

Vanaf 1 januari 1827 waren begrafenissen in een kerk voorgoed voorbij. Dit betekende dat katholieken voortaan op de algemene begraafplaatsen ter ruste moesten worden gelegd, wat bepaald niet strookte met hun opvattingen over een leven na de dood.
Om een begraafplaats te krijgen waar de nabestaanden konden bidden voor hun dierbare overledenen, die volgens de rooms-katholieke ritus begraven waren, diende op 28 september 1827 een aantal Leidse katholieken onder aanmoediging van de rooms-katholieke wethouder en eerder burgemeester A.G.M. van Bommel, een verzoek in bij Burgemeester en Wethouders een stuk grond te verkrijgen waar zij hun doden in het teken van het kruis konden begraven.

B en W gaven na enig gemor toestemming en wezen een terrein toe naast de Zijlpoort waar katholieken voortaan in gewijde aarde hun laatste rust konden vinden.

De begraafplaats viel onder de verantwoording van de zes staties en vanaf 1856 onder de drie parochies van de stad, Onze Lieve Vrouw Onbevlekt Ontvangen (de Hartebrug), Onze Lieve Vrouw Hemelvaart (de Mon Père) en de kerk van Sint Petrus aan de Langebrug.

Opening

De plechtige inwijding van de kapel door de Haagse pastoor Hermanus Tomas was op 18 november 1828. De inzegening van de begraafplaats was op woensdag 19 november 1828.

Na deze bijeenkomst werden de eerste katholieken op hun eigen begraafplaats ter ruste gelegd. Het betrof Franciscus Bisot, een ruim 60-jarige wagenmaker die derde klas werd begraven en de kinderen Dirk Adrianus Ebbers, Johannes van der Schelp en Andries Theodorus Maas, die een gratis begrafenis kregen vanwege de inwijdingsdag.

De periode Rhijnhof

Op 1 augustus 1969 werd er besloten dat de Zijlpoort ging sluiten. Het kerkhof was vol en was het alleen nog mogelijk in de familiegraven teraardebestellingen te laten plaatsvinden.

De besprekingen met de gemeente en Rhijnhof verliepen zo vlot, dat vanaf 1 augustus 1969 de rooms-katholieke doden in gewijde grond begraven konden worden. Daar zijn tot eind 1984 vrijwel alle katholieke Leidenaren begraven. Vanaf 1985 is de Zijlpoort weer in bedrijf.

Heropening en nieuwe indeling van de graven

In 1985 is de begraafplaats heropend en tot op de dag van vandaag kunnen de katholieken uit Leiden hier hun overledenen begraven.

Tot de tijdelijke sluiting in 1969 van de begraafplaats waren er vier klassen waaronder begraven kon worden. Na de heropening van de begraafplaats in 1985 wordt er alleen nog maar onderscheid gemaakt tussen familiegraven en algemene graven.