Natuur op de Zijlpoort


In veel steden zijn vooral oude begraafplaatsen begraafplaats Groenesteeg deel uit van de groengordel van de stad, een soort groene route rond de hele binnenstad, waar de natuur blijvend een kans krijgt. Deze groene gordel van Leiden maakt weer deel uit van de groenstructuur van de provincie Zuid-Holland. De bomen op en rond de begraafplaats hebben een belangrijke functie voor de natuur in Leiden.

De begraafplaats als park

Hoewel de begraafplaats zelf relatief arm is aan bomen, struiken en kruiden, kunnen bezoe­kers aan de begraafplaats door de bomen in de omgeving een gevoel krijgen dat ze in een park lopen. Dat betreft vooral de bomen in de houtwal die bijna de hele begraafplaats omgeeft, de bomen op het voorterrein en op de verhoging naast de Zijlpoort die aan een stadswal doet denken. De omringende begroeiing is ook belangrijk voor de fauna in het gebied. Zonder de beplanting in de omgeving zouden er ongetwijfeld veel minder dieren op de begraafplaats te vinden zijn. Ook de bomen in de verdere omgeving, met name die in het Bleekerspark en het Ankerpark, hebben een positief effect op de aanwezigheid van allerlei dieren. Voor bezoekers maakt dat het verblijf natuurlijk extra aangenaam.

Bomen

Op de begraafplaats zelf staan slechts zeven bomen, waaronder twee prachtige grote bruine beuken, die zijn aangeplant omstreeks 1880 en die dominant aanwezig zijn. Zij staan langs de arm van de paden in kruisvorm tegenover de Calvarieberg. Langs deze arm bevinden zich ook drie ca. dertig jaar oude zachte berken. Bij de ingang van de begraafplaats staat een grote, ruim dertig jaar oude atlasceder, waarvan de ontwikkeling zichtbaar wordt beïnvloed door twee monumentale paardenkastanjes op het voorterrein. Dicht bij de woning van de beheerder bevindt zich een kronkelwilg. Deze boom is waarschijnlijk voortgekomen uit een paastak die in water wortelgeschoten heeft en daarna in de grond is gezet.

Struiken, planten en mossen

Een belangrijk deel van de struiken en de kruiden omvat een grote variatie aan planten die in de loop der jaren op en rondom de graven zijn neergezet. De andere struiken bestaan hoofdzakelijk uit de heggen langs de paden in kruisvorm (buxus en haagbeuk), bij het kindergedeelte (thuja en buxus), langs het toegangspad (taxus, lavendel en thuja) en de heggen die de begraafplaats omringen (taxus en liguster). Op het talud langs de paden in kruisvorm is kleinbloemige maagdenpalm te vinden, daar aangeplant wegens zijn symbo­lische betekenis. In de perkjes in de omgeving van de kapel staan diverse bloemplanten. Wilde hogere planten ontbreken vrijwel volledig; wel zijn er lagere planten te vinden. Mossen en korstmossen behoren daartoe. Diverse mossen hebben zich hier en daar op de graven en in het grind gevestigd. Die mossen zijn half maart 2008 geïnventariseerd. De aanwezigheid van mossen op (oudere) graven is een prachtig gezicht. Ook allerlei korstmossen sieren de graven. Een korstmos is geen mos maar bestaat uit een samenleving van een schimmel en een alg.